Spe(e)lregels

Inleiding

Spelende honden… Voor mij zijn die blije koppen, wapperende oren en geinige sprongetjes het hoogtepunt van elke hondenwandeling. Het plezier straalt eraf en werkt aanstekelijk. Toch zit er aan menig spelletje ook een scherp randje. Wat begint met jolige sprongetjes en tikkertje spelen kan ontaarden in een felle stoeipartij, waarvan je je als baasje zenuwachtig op je kop krabt terwijl je je afvraagt of jouw hond of die andere het nog wel leuk vindt. Maar dit zijn honden, geen kinderen, toch? En honden regelen het onderling wel, of niet soms?  

Nou…. nee dus. Zoals niet alle mensen even makkelijk met elkaar om kunnen gaan, kunnen ook lang niet alle honden dat, zelfs niet die gezellige types die gek zijn op soortgenoten. Hondenspel bestaat vaak uit najaagspelletjes en stoeipartijtjes. Dat zijn beide spelvormen die een flinke mate van fysiek contact en opwinding met zich meebrengen. Dat vergt van beide honden flink wat finesse: de signalen van de andere hond op tijd herkennen en hier ook gehoor aan geven, remming van je eigen bijtkracht, niet te snel angstig worden van een achtervolging, de andere hond ook eens laten achtervolgen/bovenop laten, etc. En waar de ene hond zich erg snel bedreigd voelt en dan van zich afbijt, is de andere juist wat lomp en walst een angstige, op zijn rug gerolde hond die het al lang geen spelletje meer vond alsnog plat. Dat het meestal niet uitloopt op een "all-out" knokpartij betekent niet dat gespannen, slecht lopend spel geen vervelende consequenties kan hebben voor beide honden. Het kan het zelfvertrouwen en het vertrouwen in andere honden beschadigen met alle gevolgen van dien. Ook kan het van een beetje lompe jongeling een echte "spelterrorist" maken, wat eigenlijk best zielig is, want deze hond wil wel spelen, maar geen van de honden in de buurt meer met hem.

Honden hebben dus spe(e)lregels nodig! En een eerlijke, kalme scheids de hen helpt zich daaraan te houden. Laat je niet vertellen dat honden onderling de boel wel regelen. Zelfs de meest gehoorzame, sociale honden beschikken niet altijd over de spelvaardigheden die nodig zijn voor een gelijkwaardig spel dat leuk is voor alle partijen. Je kunt er niet vanuit gaan dat iedere andere hond jouw pup/hond wel op kan voeden. Want misschien is die andere hond wel het equivalent van een scheids die zijn jachtgeweer erbij haalt als je hond over de schreef gaat, of juist zoeen die wel aangeeft dat er iets verkeerd gaat, maar nooit een rode kaart uit durft te delen. Er zijn niet zo gek veel honden die proportioneel kunnen corrigeren. En trouwens, we hebben het nu alleen over corrigeren van ruw gedrag, maar wie zegt dat de andere hond wel precies de regels en grenzen van het spelletje kent? Kortom, wij moeten die begeleidende rol op ons nemen, en daarvoor moet je eerst weten hoe een ontspannen spel eruitziet.

dogplay.jpg 

Kenmerken van een ontspannen spel:

Eén van de belangrijkste kenmerken van een ontspannen spel is dat er voldoende rolwisselingen zijn. Spel bestaat vaak uit najagen en stoeien. Bij het najagen is het belangrijk dat niet steeds dezelfde hond opgejaagd wordt, bij het stoeien moet niet steeds dezelfde hond over de andere heen staan of continu in het nekvel hangen. Als steeds dezelfde hond opjaagt of over de ander heen staat is dat niet meteen een ramp, maar de nagejaagde hond moet wel de kans krijgen te stoppen en tijdens het stoeien moet hij voldoende de kans krijgen om op te staan, zodat hij het spel wat af kan remmen.

Speelbogen maken honden vaak als ze de ander uitdagen tot een spelletje. Ze staan met hun kont omhoog terwijl ze met hun voorpoten liggen en de andere hond uitdagend aankijken, vaak met een wat openhangende ontspannen bek. Soms springen ze er ook wat bij heen en weer of blaffen ze de andere hond uitdagend toe. Speelbogen maken honden ook regelmatig naar hun baasje om een spelletje "pak me dan" uit te lokken, met of zonder je nieuwe slippers in hun bek.

playbow.jpg

Overdreven bewegingen zijn ook een teken van een ontspannen spelletje. De speelboog is er eentje van, maar ook het baldadig heen en weer springen voor de neus van een andere hond of het maken van jolige puppy-achtige sprongen tijdens het rennen zijn kenmerkend. Bij veel rassen zie je ook dat de staart als de hond blij aan het rondrennen is in een boogje staat, de staartaanzet omhoog en het puntje van de staart weer omlaag, heel schattig.

Tekenen dat het spel serieuzer wordt:

Bij spel wordt ook regelmatig geblaft en gegromd. Het ene ras is van nature vocaler dan het andere. Honden uit de rasgroep herders (zoals Duitse herders, maar ook border collies,   etc.) blaffen en grommen van nature meer dan bijvoorbeeld een retriever of bulldog, maar toch geeft de luidruchtigheid van het spel vaak wel aan dat het serieuzer wordt. De opwinding loopt op en de honden hebben zichzelf wat minder goed in de hand. Waar het echt misgaat is vaak bij het hard aan blijven kijken en aanblaffen van een hond die niet (meer) wil spelen. Misschien tijd om de honden even van elkaar af te leiden en wat tot rust te laten komen. In het geval van grommen is het belangrijk om erop te letten dat de toon van het grommen blijft variëren (grrrgrrrrgrrrrrrrgrr) en niet overgaat op een eentonige diepe grom (grrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrrr). ZEKER tijd om de hond even te scheiden! Wat wel kan is dat twee honden die al veel met elkaar gespeeld hebben beide op de grond gaan liggen, vaak op hun zij en dan gaan liggen "bekken". Ze spelen dan met open bekken met ontblote tanden en maken er vaak een soort kreunend gromgeluid bij.

Als een ontspannen spel veel rolwisselingen heeft, spreekt het eigenlijk voor zich dat als die er (bijna) niet meer zijn, het spel serieuzer wordt. Als een van de honden steeds alleen maar achtervolgd wordt of tegen de grond gehouden wordt doordat de andere hond over hem heen staat of in de hals bijt, is het aannemelijk dat de onderste hond zich bedreigd gaat voelen en uit noodweer agressie moet inzetten. Aangezien de adrenaline in beide honden al is opgelopen door het spel is de kans groot dat de andere hond vervolgens ingaat op de getoonde agressie. Als vuistregel kun je aanhouden dat een hond niet meer dan 4 seconden over een andere hond heen moet staan. Ook is het verstandig om te voorkomen dat 1 hond opgejaagd wordt door meerdere honden of een veel grotere hond. De opgejaagde hond zal uit zichzelf begonnen zijn met rennen, maar beseft tijdens het rennen dat hij zich iets te veel op de hals heeft gehaald en durft niet meer te stoppen.

Borstelen is het opzetten van de vacht in de nek en op de rug. Het is erg goed te zien bij kortharige honden, maar minder bij honden met een lange vacht. Het is een teken van opwinding. Honden de zich bedreigd voelen en honden verwikkeld in gevecht borstelen vrijwel altijd sterk en dus is het logisch dat ook als het spel serieuzer wordt en dreigender aan gaat voelen, de borstels tevoorschijn komen. Dat betekent echter niet dat als de honden niet borstelen, er niks aan de hand is.

 hackles.jpg

Als de ene hond de ander uitdaagt tot spel en deze laatste wendt zijn kop af, dan geeft deze aan dat hij de confrontatie niet aan wil gaan. De uitdagende hond kan best nog een of twee keer proberen voorzichtig de andere hond uit te dagen, maar als deze daar niet op in gaat moet het klaar zijn. Met voorzichtig uitdagen bedoel ik dat de speelse hond de ander met een speelboog uit de tent mag lokken, niet dat hij de afhoudende hond alsnog in de hals mag vliegen.

En dan?

Een spel kan dus uit balans zijn doordat een van de honden er niet (meer) vrijwillig aan meedoet en ondersneeuwd wordt. Het kan ook zijn dat bij beide honden de opwinding te hoog oploopt en het spel simpelweg escaleert door overmatig ruw gedrag. In beide gevallen is het belangrijk om het niet zover te laten komen. Zie je dat het spel serieus wordt, leidt de honden dan op een kalme manier even van elkaar af en laat ze tot rust komen. Dat tot rust komen gebeurt niet altijd doordat beide baasjes hun honden aanlijnen en met elkaar een praatje maken. Als de honden op elkaar gefixeerd blijven aan de lijn bouwen ze opwinding en frustratie op. Laat je ze dan los, dan gaan ze door waar ze gebleven waren. Ga dus echt van elkaar weg, of maak ze wat rustiger door wat trucjes met ze te trainen of wat speurspelletjes te doen. Laat ze bijvoorbeeld snoepjes zoeken tussen het gras. Als beide honden weer kalm zijn, kun je ze weer loslaten en zoeken ze elkaar wel weer op als beide daar zin in hebben. Zie je dat de ene hond er wel zin in heeft, maar de ander niet (hij draait bijvoorbeeld zijn kop weg of gaat  helemaal niet op de spelavances in) en geeft de spelende hond geen gehoor aan die signalen, grijp dan weer in. Zeg simpelweg duidelijk "nee" en helpt dat niet, lijn dan aan. Vergeet niet om je hond te belonen als hij wel luistert of beter nog, je ziet dat hij uit eigen beweging gehoor geeft aan de signalen van de andere hond!

Als je een hond hebt die al snel te ruw en opgewonden speelt, dan zul je vaak het spel moeten afbreken. Het kan dan helpen om steeds eerst een waarschuwing te geven. Je roept bijvoorbeeld altijd "Fikkie, zachtjes!". Gaat de hond daar niet op in, dan stop je het spel. Na verloop van tijd kan de hond de betekenis van "zachtjes" leren en eraan gehoorzamen. De beloning daarvoor is dan dat hij door mag spelen.

Daarnaast is het altijd heel handig om de hond goed te belonen als je hem tijdens een spelletje succesvol bij je kunt roepen. Doe dat regelmatig als het spel nog ontspannen is en geef een flinke beloning. De kans is dan groot dat de hond af en toe tijdens het spelen op eigen initiatief naar je toe zal komen in de hoop dat jij hem wat lekkers geeft. Door deze zelf ingebouwde pauzes loopt de opwinding minder hoog op.

Als je een jonge hond hebt met een neiging tot ruw spel, is het bovendien erg aan te raden om deze hond een periode van een paar maanden alleen met oudere, zelfverzekerde honden te laten spelen. Honden die proportioneel kunnen en durven te corrigeren. Hij kan van zo'n hond ook leren welk gedrag niet getolereerd wordt. Laat je zo'n hond met een onzekere hond spelen en grijp je zelf niet in wanneer dat nodig zou zijn, dan leert je hond dat hij alles kan en mag en zal hij andere honden in de toekomst terroriseren met zijn gedrag.

Heb je juist een hond die wat voorzichtig is en zich snel onzeker of bedreigd voelt, laat hem dan juist spelen met een hond die zelfverzekerd maar rustig is. Laat hem zelf het initiatief nemen, want je kunt een hond niet dwingen om te spelen. Hou jezelf niet voor dat je hond zich aanstelt en dat je hem eroverheen helpt door hem maar voldoende bloot te stellen aan allerlei drukke goedbedoelende honden. Hij zal dan alleen maar leren dat andere honden over zijn grenzen heen denderen en een afkeer van andere honden krijgen. Kies dus een rustig speelmaatje en grijp in voordat het hem te veel wordt.

Als je het moeilijk vindt om te letten op de specifieke kenmerken, volg dan je gevoel! Meestal klopt dat, alleen dacht je voorheen dat je je eigen gevoel moest negeren doordat "honden nou eenmaal zo spelen" of "zelf alles wel oplossen". Al was het maar omdat zoveel goedbedoelende baasjes dat geruststellend tegen je gezegd hebben. Nu weet je wel beter!

Misschien ten overvloede wil ik nog zeggen dat hoe ruw je hond speelt niks te maken heeft met hoe zelfverzekerd , hoe lief of hoe aanhankelijk hij is. Een onzekere hond kan juist ruw spelen doordat hij de boel om hem heen in de hand wil houden. En een hele zelfverzekerde hond kan tijdens een spelletje onverwachts fel uitvallen omdat iemand tegen zijn  zere rug aanrent. En zeker of onzeker, te lomp of te schijterig, we hebben allemaal onze talenten en aandachtspunten. Gebruik dit artikel vooral om het beste uit je hond te halen!

 

©Janneke van Gemert, 21-02-2017.

 

Bel voor meer informatie of een intake-afspraak: 06 361 66 707 of stuur een e-mail naar info@uitlaatservicezuidholland.nl

Openingstijden

De uitlaatservice is geopend ma t/m vr van 09:00 tot 17:00. S'avonds en in het weekend zijn er geen reguliere groepswandelingen, maar is er wel individuele uitlaatservice mogelijk op aanvraag.